De rol van de tandarts in 2022 | Kuiken Praktijkmanagement
De rol van de tandarts in 2022
28 augustus 2017 

De rol van de tandarts in 2022

In de afgelopen 10 tot 15 jaar is het beroep van tandarts erg veranderd. Praktijken zijn gemiddeld groter geworden en de randzaken zijn enorm toegenomen. In dit artikel worden de huidige ontwikkelingen uiteengezet, die ook verdere invloed zullen hebben op het beroep van tandartsen in de komende vijf jaar. De verwachting is dat er ook in de komende jaren nog veel gaat veranderen voor de tandarts.

Wie heeft de regie?

Binnen de zorgverlening zal het werken in teamverband verder toenemen. Naast de verschillende functies binnen het mondzorg team – zoals preventie-assistenten, paro preventie-assistenten en mondhygiënisten – worden steeds meer verbanden gelegd met de algemene gezondheidszorg en met esthetische behandelingen. Door een toename van het aantal zorgverleners binnen de zorg, neemt de behoefte aan een goede centrale regie toe.

De tandarts is de regievoerder voor de mondgezondheid van de patiënt. Deze centrale regie heeft vooral betrekking op de diagnose en indicatiestelling. De tandarts heeft namelijk samen met de patiënt een duidelijk zorgplan besproken en vastgesteld waarop de te leveren zorg wordt afgestemd. De uitvoering van de zorg kan gedeeltelijk worden gedelegeerd, maar er is volgens de auteur slechts ‘één kapitein op het schip’ gewenst. Taakherschikking voor in ieder geval het boren en vullen van primaire caviteiten en het indiceren en beoordelen van röntgenfoto’s lijkt de auteur dan ook geen wenselijke ontwikkeling.

Daarnaast speelt ook de invloed van de mondgezondheid op de algehele gezondheid. Als tandartsen zich nog meer bewust zijn van deze invloed, zal de rol van de tandarts verder kunnen veranderen. Dit wordt onder andere versterkt door de groeiende nadruk op preventie, zoals bijvoorbeeld binnen het programma ‘Gewoon Gaaf’ van het Ivoren Kruis. Ook de individuele benadering binnen dit programma vraagt om een actieve regierol van de tandarts, waarbij de nadruk verschuift naar het motiveren van de patiënt om aan preventie te gaan doen. Het zou logisch zijn als de honorering van de tandarts ook wordt aangepast aan deze ontwikkeling naar preventie. Het is aan de politiek hier adequaat op in te spelen.

Waarom het zorgplan?

De laatste tijd – onder andere ingegeven vanuit de Richtlijn Patiëntendossier – wordt steeds vaker gesproken over het vastleggen van het zorgplan. Ook dit is een duidelijke ontwikkeling naar een individuele aanpak met een actieve centrale regierol voor de tandarts.

In de Richtlijn Patiëntendossier wordt over het zorgplan het volgende geschreven:
“Het zorgplan geeft voor de individuele patiënt een overzicht van diagnostische ondersteunende, preventieve en/of curatieve (be)handelingen, die moeten leiden tot het behalen van het zorgdoel. Het zorgplan geeft bij voorkeur ook de achtergronden van deze handelingen: (samenvatting van) de uitgangssituatie (diagnoses), risico-analyse en prognose.”

In feite is het raar als de tandarts nooit met de patiënt het gesprek is aangegaan over het te behalen zorgdoel. Waarom komt de patiënt dan eigenlijk twee keer per jaar in de stoel liggen? Wat is hiervan het doel? Met het invullen van het zorgplan wordt in ieder geval het gezamenlijke zorgdoel vastgesteld. Belangrijk punt is, dat het zorgdoel een gezamenlijk doel betreft. Het doel moet namelijk door zowel de patiënt als door de tandarts worden omarmt. In werkelijkheid is er niet ‘één kapitein op het schip’, maar twee: de patiënt samen met de tandarts.

Verzakelijking van het patiëntencontact

Een veelgehoorde klacht vanuit praktijken is de steeds mondiger wordende patiënt, wat voor een negatieve lading zorgt bij zorgverleners. Het is een gegeven, dat de zorgverlener allang niet meer door de patiënt op een voetstuk wordt geplaatst, zoals dit jaren geleden nog gebeurde. Vanuit de Wet Kwaliteit, Klachten en Geschillen in de Zorg (WKKGZ) wordt de tandarts nu verplicht om nog meer informatie over de zorgverlening beschikbaar te stellen voor de patiënt. Zo hebben patiënten recht op informatie over de aangeboden behandeling, inclusief informatie over tarieven en ervaringen van andere patiënten. Dit alles moet voor nog meer transparantie zorgen en versterkt de positie van de patiënt. Tegeneffect zal zijn, dat tandartsen zich meer en meer zullen gaan verantwoorden en gaan indekken tegen mogelijk klachten. Dit wordt soms al ervaring als een verzakelijking van het contact met de patiënt.

Kansen voor de mondigere patiënt

Deze maatschappelijke ontwikkeling is een gegeven. Maar wat wordt eigenlijk bedoeld met een steeds mondigere patiënt? Waarschijnlijk wordt bedoeld, dat patiënten zich beter verdiepen in de mogelijkheden van de zorg en actiever willen mee beslissen.

Nogmaals, deze ontwikkeling is een feit. In plaats van zich hiertegen te verzetten, kunnen tandartsen beter nagaan op welke manier hierop kan worden ingespeeld. De tandarts kan van toegevoegde waarde worden voor zijn of haar patiënt door te zorgen voor een goede informatievoorziening. De patiënt is namelijk ook mondiger geworden door meer informatie ter beschikking te hebben via vooral het internet. Advies is om als tandarts die informatiestroom zelf meer vorm te geven. De website allesoverhetgebit.nl is hier een duidelijk voorbeeld van. Als tandartsen deze informatievoorziening zo concreet en praktisch mogelijk gaan invullen naar hun eigen patiënten, kan de tandarts weer van toegevoegde waarde zijn voor de mondige patiënt door juist te voorzien in de informatiebehoefte. Met een concrete en praktische invulling, wordt een actieve en op de individuele behoeften voorziene invulling bedoeld. Dit gaat veel verder dan alleen het plaatsen van een link naar allesoverhetgebit.nl op de praktijkwebsite. Denk bijvoorbeeld aan actieve voorlichting op scholen of een duidelijke toelichting in het behandelplan met de voor- en nadelen van de behandeling.

Op hoofdlijnen is de informatieverstrekking aan de patiënt optimaal als de tandarts antwoord kan geven op de volgende 3 vragen, die elke patiënt zichzelf stelt:

1.     Wat zijn mijn mogelijkheden?
Tandarts en patiënt zetten samen de mogelijkheden op een rij. Dit zijn er altijd minimaal twee, want even wachten is ook een mogelijkheid.

2.     Wat zijn de voor- en nadelen van die mogelijkheden?
Iedere behandeling heeft voor- en nadelen. Bespreek deze met de patiënt.

3.     Wat betekent dat in mijn situatie?
De persoonlijke situatie van de patiënt (denk aan leeftijd, beroep, financiën, thuissituatie, etc.) is belangrijk voor de keuze.

Deze vragen zijn afkomstig van de campagne ‘3 goede vragen’ van Patiëntenfederatie Nederland.

Opbouwen van een netwerk

De diagnosestelling ligt ten grondslag aan de tandheelkundige behandeling en aan het zorgplan. Een op de individuele patiënt toegesneden (regelmatige) diagnostiek is dan ook de kern van de regievoering door de tandarts. Met de verdere nadruk op de algemene gezondheid van de patiënt is het zaak voor de tandarts een netwerk van specialisten om zich heen te bouwen. Dit gaat verder dan een team met preventie-assistenten, paro preventie-assistenten en mondhygiënisten binnen de praktijk. Buiten de praktijk wordt al veel samengewerkt met orthodontisten, kaakchirurgen en implantologen. Verdere ontwikkeling zal zijn om het netwerk uit te breiden met logopedisten, KNO-artsen, etc.

De tandarts wordt dus gevraagd ook rondom de algehele gezondheid van de patiënt actief naar ‘buiten’ te kijken om samenwerkingen op te zoeken en een netwerk op te bouwen. Dit vraagt vervolgens van de tandarts en het team om ook de interne processen zodanig te organiseren, dat de tandarts als eindverantwoordelijke én tevens dossierhouder daadwerkelijk in staat is de regie te blijven voeren.

Samengevat is de tandarts verantwoordelijk voor:

–     Het opstellen van zorg- en behandelplannen
–     Het waar mogelijk verwijzen van patiënten en delegeren van taken aan andere zorgverleners
–     Een goede zorginhoudelijke afstemming binnen het zorgteam.

Dit is afkomstig uit het KNMT Visiedocument ‘rol en positie van zorgverleners in de mondzorg’.

Wie doet de diagnostiek?

Nogmaals, de diagnosestelling ligt ten grondslag aan de tandheelkundige behandeling en aan het zorgplan, waarbij de diagnostiek de kern van de regievoering door de tandarts vormt. Echter, dit zal in de komende jaren wellicht nog maar gedeeltelijk aan de orde zijn. De huidige ontwikkelingen binnen de technologie zorgen ervoor, dat de techniek voor betere diagnostiek gaat zorgen dan het blote oog van de tandarts. Dergelijke technieken maken het mogelijk, dat onder andere cariës en lekkende restauraties al in een vroeg stadium kunnen worden gedetecteerd. Veel eerder en vollediger dan het blote oog van de tandarts kan waarnemen.

De ontwikkeling van dergelijke technieken zorgt ervoor, dat de tandarts nog meer op preventie kan focussen doordat problemen al in een veel eerder stadium kunnen worden gedetecteerd. Daarnaast bieden deze ontwikkelingen ook een goede tool in de patiënten communicatie, want ‘een plaatje zegt meer dan 1.000 woorden’. Ook met het gebruik van dergelijke technieken verschuift ook hiermee de rol van de tandarts naar een meer preventieve aanpak.

Wat houdt een preventieve aanpak in?

Een preventieve aanpak houdt in, dat de tandarts zich richt op het gedrag van de patiënt om hem of haar te motiveren een gezonde levensstijl te volgen. Hierin is er voor mondzorgverleners nog veel te winnen. De opmars van cursussen rondom ‘motivational interviewing’ zijn hier een voorbeeld van. Bij het regelmatig geven poetsinstructies zonder enige gedragsverandering als resultaat, zullen de tandarts en het team hun eigen motivatie technieken onder de loep moeten nemen. Het verschil wordt namelijk niet gemaakt door wat je doet (bijvoorbeeld continu poetsinstructies geven), maar vooral door welk resultaat het heeft (de gedragsverandering van de patiënt). Een effectieve, preventieve aanpak betekent dat het gedrag van patiënten naar een gezondere levensstijl daadwerkelijk verandert.

De verschillende ontwikkelingen zoals verwoord in dit artikel komen samengevat erop neer, dat de tandarts verdere nadruk zal leggen op preventie. Dit betekent dat de tandarts zich minder zal bezighouden met curatieve behandelingen, maar vooral met het motiveren van patiënten een gezonde levensstijl te volgen. Daarbij is het belangrijk dat de tandarts actief de regie in handen neemt. Allereerst door in samenspraak met de patiënt het zorgplan vorm te geven. Vervolgens door een actief team binnen de praktijk te formeren dat gericht is op preventie. Anderzijds door een netwerk van specialisten op te bouwen buiten de praktijk, waarmee goed kan worden samengewerkt.

Verder zal het tandheelkundig team zich goed moeten afvragen in hoeverre zij het gedrag van patiënten daadwerkelijk weten te veranderen, aangezien dit van grote invloed is op de effectiviteit van de preventieve aanpak. Scholing van de tandarts en het team zal zich dan ook meer en meer gaan richten op deze vaardigheden.

Op basis van huidige ontwikkelingen is getracht inzicht te geven in de ontwikkelingen van het tandartsen vak voor de komende jaren. Eén punt dat niet zal veranderen is, dat de kwaliteit van de tandarts – patiëntrelatie doorslaggevend zal blijven in de keuze van de patiënt. Zorgverlening draait om vertrouwen. Alle ontwikkelingen ten spijt zal iedere tandarts daar ook in de komende 5 jaar iedere dag weer het grote verschil kunnen maken. Dit laatste zal dus niet veranderen, maar is des te belangrijker voor tandartsen zich dat te beseffen.

(Foto: Met dank aan Mondzorg Dudokplein)

[button size=”small” align=”left” link=”/contact/” linkTarget=”_blank”]Neem contact op[/button]

 

Over de schrijver
Reactie plaatsen